Ons professioneel aanbod voor de bedrijfswereld

Omgaan met gevaarlijke stoffen

Gevaarlijke stoffen worden gedefinieerd als zuivere stoffen en mengsels van stoffen die een potentieel chemisch gevaar met zich meebrengen. Tijdens de omgang met gevaarlijke stoffen moeten verschillende wetten en verordeningen worden nageleefd.

Definitie van gevaarlijke stoffen

Met gevaarlijke stoffen worden zowel zuivere stoffen (elementen en verbindingen) als mengsels van stoffen bedoeld die hieruit worden bereid. Conform de verordening betreffende gevaarlijke stoffen worden gevaarlijke stoffen daarbij onderscheiden op basis van hun eigenschappen:

  1. Gevaarlijke stoffen die als zodanig zijn gemarkeerd
  2. CMR-stoffen: dit zijn carcinogene, mutagene en reproductietoxische stoffen
  3. Stoffen die explosiegevaar met zich meebrengen
  4. Stoffen die ontstaan bij de vervaardiging of het gebruik van onder 1), 2) of 3) vallende stoffen
  5. Stoffen die weliswaar niet onder de punten 1-3 vallen, maar wel een risico kunnen vormen voor de gezondheid en de veiligheid van de werknemers vanwege hun fysisch-chemische of toxische eigenschappen
  6. Stoffen waarvoor een werkplekgrenswaarde is vastgelegd

De term "stoffen" staat hier zowel voor stoffen als voor bereidingen en producten (mengsels).

Stoffen die een risico op radioactiviteit inhouden, vallen niet onder de definitie van gevaarlijke stoffen.

Eenvormige wet betreffende de omgang met gevaarlijke stoffen: het GHS

Tijdens de omgang met gevaarlijke stoffen zijn er tal van verordeningen, regels en normen die moeten worden nageleefd voor de veiligheid en de gezondheid van de werknemers. De wetgeving is hier van fundamenteel belang. Het oude HSID-systeem voor de classificatie en identificatie overeenkomstig de richtlijnen 67/548/EWG (stoffenrichtlijn) en 1999/45/EG (bereidingsrichtlijn) wordt nu integraal vervangen door het GHS. GHS is het ”Globaal Harmonisatie Systeem voor de classificatie en identificatie van chemicaliën“ van de Verenigde Naties dat wereldwijd de systemen voor de classificatie en identificatie van chemicaliën uniform maakt. De wet is van toepassing op zowel de verpakkingen als de veiligheidsinformatiebladen.

De gevaren voor de menselijke gezondheid, veiligheid en het milieu moeten wereldwijd worden geminimaliseerd door het eenvormige systeem – zowel in de transportsector als tijdens de productie en het gebruik van gevaarlijke stoffen. De wet zorgt voor uniforme gevarenpictogrammen en risico- en veiligheidszinnen die de gevaarlijkheid van een stof classificeren.

Tot nu toe werden gevarensymbolen in een vierkante vorm en met een oranje achtergrond weergegeven, voortaan is door het GHS een ruit met rode rand en een witte achtergrond voorgeschreven.

Omgang met gevaarlijke stoffen: plichten van de werkgever

Tijdens de omgang met gevaarlijke stoffen op de werkplek is de werkgever in bijzondere mate verantwoordelijk voor de werknemers. Dit omvat de naleving van wettelijke voorschriften, verordeningen en normen voor de bescherming van de werknemers, hun gezondheid en veiligheid. 

In principe geldt de onderstaande volgorde tijdens de omgang met gevaarlijke stoffen:

  • Voorkomen
  • Indammen
  • Beschermen.

Daarom moeten gevaarlijke stoffen zo weinig mogelijk worden gebruikt. Tijdens de omgang met gevaarlijke stoffen moeten de respectieve werkruimtes zoveel mogelijk worden afgescheiden of speciaal beveiligd. Indien nodig moeten de werknemers bovendien kosteloos persoonlijke beschermingsmiddelen krijgen.

Werkgevers moeten ook hiermee nog rekening houden:

  • De verplichting tot controle is van toepassing: Betreft het een gevaarlijke stof?
  • Bij gevaarlijke stoffen moet de etiketteringsplicht worden nageleefd
  • De bijbehorende veiligheidsinformatiebladen voor de omgang met gevaarlijke stoffen moeten toegankelijk zijn voor de werknemers.
  • Er moeten waarschuwingsborden worden geplaatst
  • Medewerkers moeten regelmatig en specifiek worden geïnstrueerd in de omgang met gevaarlijke stoffen (gebruiksinstructies)
  • Afhankelijk van het type gevaarlijke stof kan een regelmatig preventief onderzoek van het personeel door een bedrijfsarts of arbeidsgeneeskundige nodig zijn